Begrippen

Eenheid van Lichaam-ziel-geest
Lichaam, ziel en geest zijn verschillende vormen waarop een mens zich uitdrukken kan en die niet los staan van elkaar te zien zijn. De ene voelt zich meer thuis op het fysieke vlak en drukt zich op die manier gemakkelijker uit, de ander meer op het emotionele/spirituele vlak, een derde meer op het mentale/geestelijke vlak. Toch wordt een mens vollediger door alle drie de gebieden in zich te verbinden. Vaak moet een "achtergebleven gebied" meer onderzocht en ontwikkeld worden.

Experientieel-Fenomenologisch
In Gestalt betekent dit begrip dat in de methode gebruik gemaakt wordt van experimenten, waarbij de client zelf kan ervaren wat dit voor hem/haar doet. Op deze wijze kan iemand een eigen betekenis aan de ervaring geven. De therapeut wordt geacht dit proces van de client te volgen, er van uitgaand dat ieder (menselijk) organisme zich op zijn eigen tijd ontvouwt en hierbij zijn eigen innerlijke wijsheid volgt.

Fenomenologische werkwijze
Dit is een specifieke therapeutische houding, waarbij vooral het waarnemen van datgene wat op de voorgrond komt als ingang wordt gebruikt en waarbij elke poging om het te verklaren, te willen helpen en op te lossen wordt opgegeven. Van daaruit kan een leegte ontstaan waarbij de oplossing vanuit iemand zelf of het 'wetende familieveld' naar boven kan komen om gezien te worden. 

Impasse
Dit is het gevoel op een dood punt te zitten. Je hebt nergens lol meer in, alles loopt moeizaam, je passie is verdwenen of staat op een laag pitje, je twijfelt of je wel de juiste opleiding, het juiste werk, de juiste partner, etc. hebt gekozen. Je hebt er al veel over nagedacht, met anderen over gesproken, alternatieven gezocht, maar je komt niet echt verder en je vervalt steeds weer in herhalingen.

Ordeningsprincipes
Meer dan 25 jaar werken met deze methode heeft een aantal ordeningsprincipes opgeleverd die werkzaam zijn tussen mensen en waarvan een rustgevende werking uitgaat. Het is belangrijk van deze ordeningsprincipes geen algemene morele regels te maken. In de opstellingen wordt telkens zichtbaar wat een juiste ordening is voor dat specifieke systeem. Het signaal voor een juiste ordening is wanneer iedereen zich op zijn plaats prettig en ontspannen voelt. Behalve bij de juiste rijvolgorde van de 'eigen' kinderen zijn op ieder ordeningsprincipe weer uitzonderingen gebleken.


Systemisch
Systemisch betekent dat verschijnselen gezien worden binnen de context waarin ze zich tonen en in relatie tot de geschiedenis waarmee ze samenhangen. Het houdt zich bezig met wederzijdse beinvloedingen en niet met rechtlijnig oorzaak-gevolg denken. Er wordt dus nietnaar geisoleerde personen met hun eigenschappen en hun gedrag gekeken, maar naar interakties binnen het systeem. Bij werken met familieopstellingen is het van belang welke feitelijke gebeurtenis(sen) in de geschiedenis van de familie het systeem uit evenwicht heeft/hebben gebracht.

Verstrikking
Families vormen een systeem waarbinnen een gezond evenwicht bestaat als ieder zijn of haar juiste plaats heeft en niemand wordt vergeten of buitengesloten. Minachting is ook een vorm van buitensluiten. Iedereen, ook de doden, hebben eenzelfde recht om erbij te horen. Als de 'regels' van het systeem niet gerespecteerd (kunnen) worden, ontstaan er zogeheten ‘verstrikkingen’ (onjuiste verhoudingen en posities) die oorzaak zijn van allerlei problemen binnen een familie. Bij diep ingrijpende gebeurtenissen in een familie zoeken de familieleden een oplossing om hiermee om te gaan. Vaak is dit een oplossing die een ongunstige uitwerking heeft op een volgende generatie. Bijvoorbeeld: Een kind sterft kort voor of na de geboorte. Ouders gaan met het verdriet om door te zeggen : "Kop op, het leven gaat door" en ‘vergeten’ het kind een eigen plaats in het gezin te geven. Het wordt bv. niet meegeteld in de kinderrij en niet herdacht. Een volgend kind krijgt dan als vanzelfsprekend deze plek (het wordt de tweede i.p.v. de derde). Soms zelfs met dezelfde naam. Dit zal tot verwarring leiden bij dit kind en bij alle andere kinderen.

Verstrikking in organisaties  
Het werk met familie-opstellingen laat zich heel goed naar andere systemen vertalen zoals bv. organisaties. Een groot verschil tussen families en organisaties is dat iemand vrijwillig tot een organisatie kan toetreden en deze ook weer kan verlaten. In een familie kan dat niet. Net als in families geldt ook hier: ‘uitsluiting’ geeft verstrikking. Hier kan ‘uitsluiting’ ontstaan door respektloze vormen van ontslag, niet respekteren van het werk van voorgangers, geen acht slaan op ordeningsprincipes als ancienniteit, mate van belangrijkheid voor het systeem, etc. De werking hiervan wordt door iedereen gevoeld en kan een belangrijke reden zijn, dat leiderschapsposities niet ingenomen (kunnen) worden. Een organisatie-opstelling brengt zeer snel de aanwezige dynamiek in een organisatie aan het licht.

Ziel
Het concept 'ziel' wordt niet gebruikt in een theologische context. Het moet eerder gezien worden in een fenomenologische context; iets dat in het lichaam ervaren kan worden. 'Ziel' kent gevoelens als eenzaamheid, hoop, verlangen, nabijheid en trouw. Als wij daarnaar luisteren, vertelt het ons wat het nodig heeft en wat het liefheeft. Wij vinden het essentieel mensen te helpen een onderscheid te maken tussen wat de ziel wil en nodig heeft en de druk die uitgaat van sociale conditionering, religieuze vooroordelen en politieke ideologieen.